Als iemand zegt dat er een stop doorgeslagen is, bedoelt hij bijna altijd dat een deel van het huis zonder stroom zit. In oudere woningen gaat het dan echt om een stop: een smeltzekering die is doorgebrand. In de meeste huizen is er tegenwoordig een installatieautomaat of een aardlekschakelaar uitgeschakeld. Al die zekeringen doen hetzelfde werk: ze halen de stroom eraf voordat er iets gevaarlijks gebeurt. Hoe je ze weer aan krijgt, verschilt wel.
Stop doorgeslagen: welke zekering zit er in jouw meterkast?
Kijk eerst rustig in de meterkast. Je hoeft niets open te schroeven: aan de voorkant zie je al welke beveiliging je hebt. Er zijn grofweg drie soorten.
De smeltzekering of stop
Oude groepenkasten hebben soms nog porseleinen smeltzekeringen: de stoppen. In de patroon van zo'n stop zit een dun draadje dat smelt als er te veel stroom door gaat. Daarmee is de stroomkring onderbroken. Aan de voorkant zit een klein gekleurd plaatje, de verklikker. Is dat plaatje weg of los, dan is de stop doorgeslagen. Een doorgeslagen stop kun je niet terugzetten. Laat de patroon door een elektricien vervangen door een nieuwe met precies dezelfde waarde.
De installatieautomaat
In de meeste woningen zitten installatieautomaten: een rij smalle schakelaars met een hendeltje. Elke automaat beveiligt één groep, bijvoorbeeld de keuken of de stopcontacten op de slaapkamers. Loopt de stroom te hoog op door overbelasting of kortsluiting, dan klapt de hendel naar beneden. Daarna kun je hem gewoon weer omhoog zetten.
De aardlekschakelaar
Een aardlekschakelaar is meestal breder dan een installatieautomaat en heeft een testknop, vaak met een T erop. Hij let niet op hoeveel stroom er loopt, maar op stroom die weglekt. Bijvoorbeeld via een defect apparaat, via vocht of via iemand die iets aanraakt waar spanning op staat. In een woning reageert hij op een lekstroom van 30 mA. Een aardlekschakelaar beveiligt vaak meerdere groepen tegelijk, dus als hij afslaat valt een groter deel van het huis uit. Er bestaan ook aardlekautomaten: een installatieautomaat en aardlekschakelaar in één, voor één groep. Meer daarover lees je op de pagina over de aardlekschakelaar.
| Kenmerk | Stop | Installatieautomaat | Aardlekschakelaar |
|---|---|---|---|
| Reageert op | Te veel stroom | Te veel stroom | Stroom die weglekt |
| Zo zie je dat hij uit is | Verklikker los of weg | Hendel staat omlaag | Hendel omlaag, vaak meerdere groepen zonder stroom |
| Wat je zelf doet | Laat de patroon vervangen | Eén keer terugzetten | Eén keer terugzetten |
Stap voor stap een groep terugzetten
Heb je installatieautomaten of een aardlekschakelaar, dan kun je een uitgevallen groep meestal zelf terugzetten. Doe het rustig en in deze volgorde.
- Kijk wat er uit staat. Zoek de hendel die naar beneden staat. Is het één installatieautomaat, of de aardlekschakelaar die een hele rij groepen voedt?
- Zet apparaten uit en haal stekkers eruit. Doe dat op de groep die uitviel. Denk vooral aan apparaten die net aangingen, zoals de waterkoker, de wasmachine of een elektrische kachel.
- Zet de hendel één keer omhoog. Gebruik droge handen en duw de hendel stevig helemaal naar boven tot hij blijft staan. Wil hij niet omhoog, duw hem dan eerst helemaal naar beneden en probeer het daarna opnieuw.
- Sluit apparaten één voor één weer aan. Wacht steeds even. Valt de groep uit zodra je een bepaald apparaat aanzet, dan is dat apparaat waarschijnlijk de oorzaak. Laat het uit en gebruik het niet tot het is nagekeken.
Slaat hij direct weer uit?
Gaat de groep meteen weer uit terwijl er niets is aangesloten, dan zit het probleem waarschijnlijk niet in een los apparaat maar in de vaste installatie. Denk aan een beschadigde leiding, een defect stopcontact of een lichtpunt waar vocht in zit. Let op: vaste verlichting en apparaten zonder stekker, zoals een boiler of een vast aangesloten kookplaat, blijven aangesloten als je alle stekkers eruit haalt. Ook die kunnen de oorzaak zijn.
- Laat de groep uit staan.
- Gebruik de stopcontacten op die groep voorlopig niet.
- Let op een schroeilucht, verkleurd plastic of een stopcontact dat warm aanvoelt.
- Meld de storing bij een elektricien.
Slaat juist de aardlekschakelaar af, dan lekt er ergens stroom weg. Vaak zit dat in een apparaat met een verwarmingselement, zoals een wasmachine, vaatwasser of waterkoker, of in vocht bij een buitenstopcontact of buitenlamp. Na regen of een lekkage is dat een bekend patroon. Lees daarover meer in water bij de elektra.
Ruik je een schroeilucht of wordt een stopcontact warm, lees dan wat je doet bij brandlucht of een warm stopcontact. Zie je rook of vlammen, bel dan eerst 112.
Overbelasting of kortsluiting: wat is het verschil?
Een installatieautomaat of stop schakelt om twee redenen uit. Het helpt om te weten welke van de twee het is, want de oplossing is anders.
Overbelasting
Bij overbelasting hangen er te veel apparaten tegelijk aan één groep. Denk aan een waterkoker, een magnetron en een airfryer op hetzelfde aanrecht, of een elektrische kachel naast de wasdroger. De leiding wordt dan te zwaar belast en zou te warm worden. De automaat schakelt daarom uit, vaak niet meteen maar na een tijdje. De oplossing: verdeel zware apparaten over verschillende groepen. Gebeurt het vaak, dan heb je waarschijnlijk een extra groep nodig. Wat daarbij komt kijken, lees je bij groepenkast vervangen of uitbreiden.
Kortsluiting
Bij kortsluiting maken twee draden contact die elkaar niet mogen raken, bijvoorbeeld in een kapot snoer, een beschadigde leiding of een defect apparaat. De stroom loopt dan in een fractie van een seconde heel hoog op en de beveiliging schakelt direct uit, soms met een knal of een flits. Een groep met kortsluiting gaat meestal niet meer aan zolang de oorzaak er nog is. Wat de oorzaak kan zijn en hoe een elektricien het opspoort, lees je bij kortsluiting in huis.
Wanneer bel je de elektricien?
Een groep die één keer uitvalt door een overvolle stekkerdoos is geen reden tot zorg. In deze gevallen laat je het wel nakijken:
- De groep of aardlekschakelaar slaat direct weer uit, ook zonder apparaten.
- Je hebt nog stoppen en er is er een doorgeslagen.
- Een groep valt vaak uit, ook bij normaal gebruik.
- Je ruikt een schroeilucht, ziet zwarte plekken of hoort geknetter.
- Het hele huis zit zonder stroom, terwijl de buren wel licht hebben.
Valt de stroom in de hele straat uit, dan ligt het niet aan jouw installatie. Dan is er een storing in het net en lost de netbeheerder het op. In de regio Rotterdam is dat Stedin. Op de pagina over stroomstoring lees je hoe je dat controleert.
Heb je nog een groepenkast met stoppen, dan is die meestal flink op leeftijd. Vaak ontbreekt er ook aardlekbeveiliging. Een doorgeslagen stop is een goed moment om de kast te laten nakijken. Is het niet gevaarlijk en kun je even zonder die groep, dan kan het vaak wachten tot een gewone afspraak. Twijfel je, lees dan wanneer het spoed is.



